Grote engelwortel – Angelica Archangelica
Engelwortel – schermbloemige familie. In de plant is er een verbinding tussen het hemelse (engel) en het aardse (wortel). Dit zegt iets over de harmoniserende werking van dit kruid: het verbindt ziel en lichaam.
Grote Engelwortel is erg krachtig en heeft een specifieke geur. Tweejarige plant die makkelijk twee tot drie meter hoog wordt. De knolvormige wortel is wit met fijn vertakte haarworteltjes (engelenhaar) en lang lange vlezige uitlopers maken. De geur van de wortel is sterk aromatisch. De paarskleurige stengel is van binnen zacht, rond en hol, van buiten hard, hoekig en geleed, zoals bamboe. Aan de stengel zitten grote schutbaderen die als schubben de stengels van het blad en de bloeiwijze omhullen en beschermen. Het blad is van boven lichtgroen en aan de onderkant grijsgroen. De kleine bloemetjes zijn geelgroen en vormen samen een ronde samengestelde schermbloem.
De geelgroene kleur verwijst naar werking op milt en pancreas.
Het maakt verbinding tussen boven en onderpool, bij een uit evenwicht zijn van beide polen ontstaan klachten in het middengebied, de spijsvertering.
- Indicatie
- eigenschappen / werking
- Contra-indicatie / toxologie
- Gebruikte delen
- Inhoudstoffen
- Receptuur / gebruik
- Oogsttijd
Spoijsverteringsklachten, opgeblazen gevoel, chronische gastritis/entritis, ziekten aan de luchtwegen, menstruatieklachten, hoest, reumatische pijnen, ontkrampend middel bij maag en darmzweren, anorexia nervosa (eetlustopwekker), zenuwzwakte, nateczeem, open been.
aperitivum – eetlustopwekkend
amarum aromaticum – aromatisch bittermiddel
stomachicum – bevordert maagwerking en afscheiding maagsappen
choleretisch -bevordert galsecretie
cholagoog – bevordert galafscheiding
Constitutie / Roborantia; opbouwend en versterkend; ondersteunt het hele organisme, de Europeese Ginseng
Antibacterieel, schimmeldodend.
tinctuur niet gebruiken tijdens zwangerschap, werkt abortief bij zeer hoge dosis
niet gebruiken bij diabetes, verhooft suikergehalte in het bloed
matig fototoxisch
mogelijk bloedverdunnend effect
matig gebruik in thee vanwege krachtige werking en overheersende smaak
bij te hoge dosos etherische olie: moeheid slaperigheid
wortel voor de tinctuur aan het begin van het tweede jaar oogsten.
blad, wortel en zaad voor thee
stengel vers door het eten en geconfijt als lekkernij
etherische olie enkel uitwendig
- etherische olie; fellandreen, pineen, borneol
- cumarinen en furocumarinen
- mineralen
- bitterstoffen
- looistoffen
- organische zuren; angelicazuur en valeriaanzuur
- zetmeel en suikers
- vette olie – zaden
- moedertinctuur
- zalf/creme/lotion
- kruidenpap
- infuus
- Thee bij spijsverteringsklachten; engelwortel, munt, zoethout,calendula.
Alle delen van de plant zijn eetbaar en bruikbaar. Oogst tijdens het eerste groei jaar de jonge bladeren.
Deze kunnen op elk moment worden geplukt, maar ze zijn op hun best in het laat voorjaar of de vroege zomer. Om te oogsten, hoef je alleen maar de bladeren af te snijden die je nodig hebt, en laat op elke plant wat intact.
Een goede algemene regel om te volgen bij het oogsten is om slechts 1/3 van de bladeren per keer te nemen. Pluk de bladeren voorzichtig en zorg ervoor dat je de hoofdstengel niet beschadigt.
Oogst de wortels in de herfst van het eerste seizoen of in het vroege voorjaar van het tweede seizoen, voordat de stengels de kans krijgen om omhoog te schieten en bloemen te produceren. De beste tijd om wortels te oogsten is wanneer een plant het grootste deel van zijn energie richt op wortelproductie en -groei, in plaats van bloemen, vrucht of zaden te creëren.
Bovendien, als je te lang wacht met het oogsten van de wortels, kunnen ze houtachtig en taai worden. Om wortels te oogsten, neem je gewoon een tuinschop en graaf je de planten voorzichtig op.
Als je wilt, kun je het gebladerte terugknippen tot ongeveer een voet boven de grondlijn voordat je gaat oogsten, om de plant gemakkelijker te kunnen bewerken. De wortels van engelwortel zijn zo voeten en vlezig, dus ze zijn niet uitdagend om uit te graven.
Verwijder enkele planten en laat andere planten bloeien en zaaien, waarbij je niet meer dan een derde van je totale oogst oogst. De stengels moeten in het tweede jaar worden gesneden, in het midden tot het laat voorjaar, wanneer ze nog jong en zacht zijn.
Snijd de stelen ongeveer tweederde van de weg naar beneden, net boven het gebladerte. Door op dit moment een deel van de stengels af te snijden, help je ook de planten te snoeien, en ze zullen je bedanken door door te gaan met het omhoog schieten van meer stengels en het produceren van meer bloemen en zaden gedurende het seizoen.
Laat altijd wat planten over om te bloeien en te zaaien, zodat u elk jaar een verse voorraad kunt blijven kweken. Als je de zaadkoppen wilt oogsten, doe dit dan nadat ze zijn opgedroogd en geel zijn geworden.
De gemakkelijkste manier om de zaden te verzamelen, is door er een papieren zak omheen te doen met een rubberen band en te wachten tot ze van de plant en in de zak vallen.
